Pedagogisch contact, verbondenheid door aanraking

Pedagogisch contact, verbondenheid door aanraking.

NU TE KOOP

De moraal van de afgelopen decennia, maar ook excessen zoals die uit 2010 met zwemleraar Benno L. en pedagogisch medewerker Robert M., hebben ertoe geleid dat het aanraken van kinderen en jongeren in een professionele context een ‘verkrampt’ thema is geworden. Overheden en instellingen hebben uit angst voor incidenten en excessen gekozen voor een instrumentele aanpak met als doel fysiek contact met kinderen te beperken of zelfs te verbieden. Deze protocollering ontkent echter het existentiële niveau van de pedagogische relatie, waarin opvoeder en kind elkaar ontmoeten ‘van mens tot mens’. Lichaam en geest zijn onlosmakelijk verbonden. Het lichaam is geen instrument waarmee je kunt aanraken, maar de schakel tussen de binnen- en de buitenwereld, tussen jou en de ander. In de pedagogische relatie staat de kwaliteit van de ontmoeting – een wederzijdse gevoelsmatige wisselwerking – centraal. Daarbij is tactvol handelen van de leraar geboden. Contact kan gezien worden als de verbinding die nodig is om tactvol te kunnen handelen. Contact ontstaat door de uitwisseling van gevoelens en gedachten die de ander raken. Bij fysiek contact is er sprake van het ‘lichamelijk bij elkaar zijn’; lichamelijke nabijheid tussen leraar en leerling waarbij een zichtbare wisselwerking plaatsvindt. In het domein van de professionele opvoeder is het algemeen aanvaard gepast gedrag en het algemeen aanvaard ongepast gedrag evident. Daartussen bevindt zich echter een grijs gebied, waar gepast gedrag in het privédomein, ongepast gedrag in het professionele domein kan worden. Aanraken is een levensbehoefte en omdat aanraken tot verbondenheid leidt met jezelf, de ander en de wereld om je heen, mag het pedagogisch handelen nooit verworden tot een instrumentele aanpak. De existentiële relatie moet het uitgangspunt zijn voor het pedagogische contact, waardoor de leraar goed aanraakt, op het juiste moment, óók in de beleving van het kind. Daarbij is het van belang om te weten of gedrag gepast én gewenst is en of handelingen relatie-bevorderend én identiteitsbevestigend zijn. De leraar handelt – met behoud van gezag – vanuit een pedagogisch motief. Daarbij probeert hij het perspectief van de leerling in te nemen. Een pedagoog bevredigt niet zijn eigen behoeften ten koste van kinderen en laat zijn emoties niet zijn handelen sturen. Ik spreek en schrijf over pedagogisch contact als aspect van pedagogische tact. Pedagogisch contact stelt de opvoeder in staat om juist te handelen in een pedagogische ontmoeting. Bovendien biedt het de mogelijkheid om het handelen te legitimeren. ‘Een juiste aanraking, op het juiste moment, óók in de beleving van de leerling.’ Ik ga met je op zoek naar de betekenis van aanraken in de professionele opvoedingssituatie en belichten dat fenomeen vanuit verschillende invalshoeken.